Te Gro(o)t(st)e onderscheiding

Ik leg mijn woorden even op een laboratoriumweegschaal.

Er zouden wel eens mensen kunnen zijn die van ‘eigen lof stinkt’ denken of van ‘mijn kind, schoon kind’, of nog erger me betichten van jaloersheid.

Enfin, hier komt de stoef: mijn oudste heeft  haar diploma gekregen en heeft dat (als enige) behaald met de grootste onderscheiding.  De naam van je kind als eerste horen proclameren voor een volle zaal, het doet wat met een mens. Het kan zijn dat er mij een klein vreugdekreetje ontsnapte 🙂

Als geen ander weet ik hoe hard ze daarvoor heeft gewerkt, hoe haar autisme en het daaruit vloeiend perfectionisme haar heeft gekraakt, hoe op ze was aan het einde van de rit.

Bij elke richting (4) die bij de proclamatie hoorde werden ook nog een paar extra prijzen uitgereikt. De persoon die het best had gescoord zat daar voor elke richting bij, alleen de dochter viel uit de boot.

De voorlezer van dienst (voor haar richting) en nog een andere docent op het podium waren niet toevallig diegenen die hier onder de letter B het mooie weer maakten in juni.

Een andere student die samen met de dochter in een inspraakorgaan van de school zetelde (en daar nooit zijn mond open deed) kreeg wèl een prijs en mocht even later zelfs nog speechen. Die deed dat goed, vlot, bebofte de school en de richting met veel verve, iets wat mijn kind niet over de lippen had gekregen.

Zij had nu eenmaal haar kritiek niet gespaard in juni. Ze kan het misschien allemaal zo vlot niet zeggen, maar als ze een mening heeft dan is die altijd gefundeerd en zal ze daar echt serieus over nagedacht hebben. Het leverde haar het etiket ‘extremiste’ op, iets waar niet iedereen die haar beoordeelde het mee eens was, maar die hun meningen wogen blijkbaar niet door.

De decaan (die nooit een vriendelijk woord over had als ze (als enige die durfde) een probleem ging aankaarten) die naast de presentator van dienst de avond mocht inleiden, gebruikte raar maar waar, wel letterlijke woorden die de dochter had neergeschreven bij de beoordeling van haar richting, als hij het over de toekomstvisie van de school had.

Vreemd.

Hypocrisie, het is van alle tijden zeker?

Kijk, het gaat mij hier niet om die misgelopen prijs van de dochter. Veel kans mocht ze die wel gekregen hebben en het commerciële bedrijf paste niet in haar (ecologische) kraam, dat ze die ook zou geweigerd hebben. Het heeft mij een onder mijn stoel kruipen van schaamte-moment bespaard.

Waar gaat het dan wel om?

Om het feit dat jonge mensen nog verder moeten na het diploma, om gevoelens en gevoeligheden, om menselijkheid en om het feit dat mensen in het onderwijs toch zouden moeten beseffen dat ze de power hebben om mensen te maken en te kraken.

En dat moest nu even van mijn moederhart zie.

Blijft het feit dat ik trots ben op mijn oudste. Ze heeft dat verdorie fantastisch gedaan! Ik vraag daarmee niet aan iedereen om het daarmee eens te zijn.

Zelf weet ze dat ze véél te hard gewerkt heeft en ondertussen veel te weinig geleefd.

De jongste (fier op haar zussie) heeft op heel de avond wat wraak genomen. We leven nu eenmaal in een sociaal media-tijdperk en zij kreeg het voor mekaar dat er toch een paar tweets op groot scherm verschenen die de grootsheid van het moment omkaderden.

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Gedaan met de luxe

Vroeger kwam bij mij (te pas of te onpas) het rode leger langs. Ik hing er ook wel eens de rode vlag voor uit, van moetens, een mens doet zo’n dingen nu eenmaal niet van harte.

Maar ik ben een vrouw en dan is het normaal dat er een paar dagen van de maand ‘verhormoond’ worden.

Op mijn dertiende had ik het al vlaggen, middenin de paasexamens van het eerste middelbaar (die keer dat ik 97% haalde voor wiskunde en 59% voor biologie, twee vakken door dezelfde leraar onderwezen)

Ik had echt geen kaas gegeten van biologie, bewijze ook het weinige dat ik wist van wat mijn lijf daar durfde te doen.

Maar ik doorstond al die jaren, er was immers geen keuze.

In de jaren negentig, ten tijde van tig vruchtbaarheidsbehandelingen, waren menstruatiedagen vaak tranen om een lege buik, temidden de andere heldere soort.

Alle andere jaren was het gewoon deel van het leven.

De laatste jaren beslist mijn lijf anders en vallen hier nog amper (rode) tranen.

Al een geluk, want al die tijd vonden onze beleidsmakers dat menstrueren boven de stand was, getuige de luxe-belasting die op maandverband en tampons van toepassing was.

Dat ze dat gaan veranderen zegden ze vandaag in het nieuws. Niets voor tijd zeg ik dan.

Mogen alle vrouwen nu een collectieve schuldvordering indienen voor alles wat ze al die jaren teveel hebben betaald?

Ik zeg maar wat: €X per maand  x 12 maanden x gemiddeld 38 jaar en daar dan (als we de huidige BTW-tarieven nemen) 15% op.

Volgens mij konden wij daar al eens goed van gaan eten.

Luxueus.

In een sterrenrestaurant.

Week dier

Gisteren, op de snelweg in de gietende regen op weg naar Nieuwpoort, maakte ik een trip down memory lane.

Er is ooit een augustusdag geweest met stormachtig karakter waarop ik dezelfde weg reed. Om daar voor het eerst de man in levende lijve te zien die ik precies al goed kende.

We hadden een straat afgesproken om te parkeren, ik keek uit naar een blauwe Golf, hij naar een groene Avensis en dat verliep allemaal vlotjes. Ondanks het feit dat het nog zomer was, droeg ik een lange winterjas en had ik laarsjes aan. Een geluk, want eens uit de auto woei mijn paraplu direct de verkeerde kant uit en had ik daar niets meer aan.

Zijn lach toen hij uit de auto stapte was tegelijk verlegen maar toch hartverwarmend (en hij was in mijn ogen zoveel mooier dan op foto) en dus gingen we samen op pad. Letterlijk. Dat we dat nu nog altijd figuurlijk doen is een droom die waar geworden is.

Er zijn veel details van die eerste ontmoeting blijven hangen. Hoe ik het bijvoorbeeld raar vond om een man voor me te hebben die koffie dronk (i.p.v. alcohol) hoe ik zijn melkje bij de koffie in kon pikken (hij drinkt zwart). Dat ik even kon vertellen over het gaan van de echtgenoot en hij iets ingrijpends uit zijn leven i.v.m. zijn mama. Hoe alles zo normaal leek tussen ons en wat een rust hij uitstraalde. En ook nog hoe mijn telefoon een drietal keer begon te trillen in mijn broekzak omdat mijn schoonmoeder mij blijkbaar dringend nodig had 😦

En dat we babbelden en ik in zijn mooie blauwe ogen keek en hij op een bepaald moment net iets te lang in mijn decolleté (hij ontkent dat tot op de dag van vandaag)

Uiteindelijk is alles geleidelijk aan gegaan tussen ons. Uitzoeken of we durfden springen van beide kanten, er waren immers rugzakjes, bij de ene wat zwaarder dan bij de ander. De jurk die ik kocht voor onze eerste ontmoeting (na me jaren lang te verstoppen in broek en slobbertrui) en die wegens het weer in de kast bleef, was blijkbaar wel impressionant genoeg om drietal maand later een eerste kus te krijgen

En we kussen nog altijd. Van gewoonte en van graag willen.

fullsizeoutput_25a6

Het weekdier op het strand zal het bevestigen. In al mijn gemijmer ben ik zelf een week dier.

Maar zoete herinneringen zijn van die aard dat ze moeten gekoesterd worden toch?

Ik (krijg) kreeg het even allemaal niet geschreven

… en daarom is het hier ook al een tijdje stil.

En toch zou ik een boek kunnen vullen met wat er allemaal in mijn hoofd rondspookt (geen idee wie het zou lezen, maar ik zou het ‘kwijt’ zijn)

Er is door de jaren heen een besef gegroeid over het verhaal van en met de echtgenoot dat veel genuanceerder is dan hetgeen ons werd aangedaan (huiselijk geweld zowel fysiek als emotioneel)

Eigenlijk ben ik de laatste maanden al te vaak depri geweest en deze week kwam dat nog eens naar boven toen er wat dozen van de zolder kwamen na een grote kuis daar. Er waren immers nog meer foto’s te vinden dan ik eind 2015 vermoedde.

De jeugd van de echtgenoot in beeld, van in zijn moeders’ kraambed zeg maar. Mooie beelden van een jong chique stel met hun eersteling. Maar ook de schoonma met haar kind op schoot dat al een paar maanden ouder was, op een formica stoeltje gezeten in de crèche waar ze eenmaal in de week naartoe ging.

De echtgenoot is immers de eerste zes maanden niet thuis geweest. Zijn eerste lachjes zullen voor een kinderverzorgster geweest zijn, de zaak had voorrang op alles 😦

Niet moeilijk dus om te achterhalen waar zijn immense verlatingsangst vandaan kwam. Volgens mij is daar het fundament gelegd van de persoon die hij later zou worden.

Toen ik hem leerde kennen was ik op z’n minst gezegd overdonderd. Ik was op meer dan dat ene vlak maagdelijk te noemen. Wat wist ik eigenlijk van de wereld? Ver buiten mijn eigen gemeente was ik nooit gegaan. Ik stopte na een trimester hogeschool met studeren dus een studentenleven was er ook niet geweest.

En hij trok mijn wereld open en ik wilde niet liever dan daarin meegaan.

Humor, muziek, film, cultuur, geschiedenis, oog voor detail en voor schoonheid in de natuur, een uitgebreidere woordenschat zelfs en ik zou daar nog veel dingen aan kunnen toevoegen. Er was weinig waar hij niets van af wist.

Maar hij was een gehavend persoon met een verleden. Een verleden van steeds naar liefde en goedkeuring hengelen en die nooit krijgen. Een verleden van zich (letterlijk) uit een situatie vechten (het duurbetaalde internaat dat bij de standing hoorde maar waar hij, een veel te gevoelig kind, diep ongelukkig was) en van school gestuurd worden. Een verleden met vluchten in drugs en drank en zelfs een bijna ultieme vlucht.

En toen kwam ik in beeld en hij vleide zich in de warmte die mijn thuisbasis bood. Dat had hij thuis nooit gekend. Tegelijk vleide ik me ook in zijn liefde, want hoe kwaad ik ook op hem mag zijn, die was er wel degelijk.

Dat die liefde zeer verstikkend was zag ik niet in. Het begon immers met beschermen en naïef als ik was zag ik niet dat het over-beschermend was (dat laatste was hij later ook voor de kinderen, op een verstikkende manier) En toen ik dat uiteindelijk wel zag zat ik al gevangen als in een web. Ziekelijk jaloers was hij (verlatingsangst weet je wel). Een eigen vriendenkring had ik dus niet meer. Ik was enkel nog op de eerste plaats zijn vrouw, dan pas moeder en op de achtergrond nog dochter, zus en werkneemster, méér stelde ik als persoon niet meer voor.

Het feit dat ik een pleaser ben (nog altijd, ik wil altijd goed doen voor anderen) hielp aan deze situatie natuurlijk niet. Steeds meer werd de grens verlegd ten nadele van mij. Ik durfde mijn mening amper nog verkondigen.

Dat hij op en af depressief was, neuroses kreeg en daardoor steeds meer in de drank vluchtte deed daar uiteraard ook geen goed aan. Hij was een man met de grootste ideeën, maar kreeg ze niet gerealiseerd door o.a. smetvrees. Hij heeft letterlijk zijn verstand verdronken waardoor hij uiteindelijk zijn vat op de werkelijkheid verloor en steeds meer spoken zag die er niet waren.

Mijn familie was niet meer goed, want in zijn ogen jaloers op ons, een man die naar mij keek, daar had ik uiteraard al mee in bed gelegen, hij regelde de financiën (want het geld kwam toch van zijn kant nietwaar en ik zou maar eens een potje moeten aanleggen om te vertrekken) waardoor ik bvb. moest onderhandelen over het kopen van een paar sandalen voor de kroost. Dat zijn drankzucht sloten kostte besefte hij waarschijnlijk wel maar dat was een detail.

En dat allemaal spookte vorige week door mijn hoofd toen ik aan het bladeren was in het fotoboek van onze huwelijksreis (ik was zelfs vergeten dat daar een boek van was) Foto’s waar hij beschermend zijn arm rond mijn schouder legde sneden door mijn ziel.

Diep vanbinnen zit er bij mij nog een immens verdriet. Verdriet om wat kon geweest zijn mocht hij niet zo gehavend geweest zijn. Verdriet ook om het feit dat ik heb laten gebeuren.

Het wat-als-scenario van mocht ik dat anders gedaan hebben spookt nog vaak door mijn hoofd.

Begrijp me niet verkeerd, ik praat hier niets goed van wat hij ons heeft aangedaan. Dat was narcistisch en blijft onvergefelijk, maar er is een context vanwaar het komt.

Daarom ook dat ik op een rare manier in duusd stukjes brak toen het over mijn tuin ging. De jongste wist niet wat ze zag toen ik plots in tranen uitbarstte.

De onzekerheid over wel of niet dit huis ooit achterlaten is soms tonnen zwaar. De laatste tijd heb ik er zwaar de kantjes vanaf gelopen met kamers die niet opgeruimd geraken, met blijven twijfelen of ik al dan niet een grote (financiële) ingreep doe in mijn tuin, …

En dat komt allemaal omdat het verleden ooit veelbelovend was. Ik verbeeld me dat niet. Twee mensen hebben mekaar ooit graag gezien.

Maar dat is even anders uitgedraaid.

Rouwen om dat verdriet heb ik altijd voor me uitgeschoven, ik moest immers kwaad zijn. Om mijn jonge lijf in gele bikini, getuige de foto’s jonge jaren die voorgoed voorbij zijn, om de schuld die ik voel tegenover de kinderen om wat hen is aangedaan, …

Ik kreeg mijn verleden vorige week bij wijze van foto’s letterlijk nog eens voorgeschoteld en verdorie dat deed doet pijn!

 

Het alfabet van het leven (5)

Alweer, zie B

Begrafenis: Twee weken op rij op zaterdag. Eerst tante, gisteren leeftijdsgenoot van de echtgenoot (53). Kutkankers!

Clean House: Een eeuwig doel, maar ik ben altijd net iets te lui om het volledig goed te doen. Er is nu een zolderopruimproject met een deadline. Er komt nl. een nichtje dat tijdelijk elders gaat wonen tijdens bouwwerken wat meubilair stockeren hier.

DIY: Een klosjeshouder voor mijn naaikamer.

Erg gemakkelijk: het tweede jaar Frans in het volwassenenonderwijs waar ik ingestapt ben. Ik babbel ze daar (voorlopig) nog allemaal naar huis 🙂

Fruitpluk: Grote dochter en ik plukten vandaag nashiperen en kweeperen. Van die laatste geen 60kg zoals vorig jaar, het zijn er maar een stuk of 15 (peren, geen kg)

Groensels: Graag en veel, zoals vandaag met opgevulde ronde courgettes met nog veel naast.

fullsizeoutput_2591

Haag: Die moet gesnoeid worden, alleen is de man die dat altijd deed sedert december ook wijlen. Nu moet de neef van Bruno (zelfstandig tuinier) hier nog geraken.

Insomnia: Zoals in de dagelijkse hoeveelheid slaap maar halen in een dag of drie 😦

Job: De oudste in Leuven, en daardoor drong de letter K zich op. Ik word oud, een werkend kind hebben…

Kotverhuis: Woensdag de kamer in Gent leeghalen en opkuisen, donderdag ongeveer die inhoud verhuizen naar Heverlee.

Latte Macchiato: Ik dronk er één van de meest vieze soort in Leuven. Ik was even vergeten dat ik met dochterlief in een vegan eethuis zat. De melk in de koffie was dus plantaardig (geen idee welke) en mierzoet.

Muziek: Er klinkt weer viool in huis. Zomaar, voor het plezier.

Naaikamer: Ook in het kader van C. Ik ruimde hem op (nog niet helemaal klaar) en zette al het meubilair anders.

Ontsappen: druiven, appels, peren en dat sap mengen met ingevroren kweepeersap van vorig jaar. Onze eigen bio-sapjes maken dus.

Proper kippenhok: oudste heeft er haar missie van gemaakt om het elke week uit te mesten en schoon te spuiten. Benieuwd hoelang ze dat gaat volhouden.

Quatre quart-cake: Gemaakt vanmiddag, altijd goed. De vegan versie was ook goed maar het uitzicht liet te wensen over. De jongste vond dat ik er de award voor lelijkste gebak voor verdiende.

Room with a view: de dochter haar verblijf. Schoon é Menck?

fullsizeoutput_258f

Stage: De jongste heeft de hele maand stage. Als laatstejaars mogen ze ook in ploegendienst werken. Vanaf morgen ‘mag’ ik om 5u20 mijn bed uit (ze moet gebracht worden). Straks lost de letter I zichzelf nog op…

Terug: Bruno van reis, een paar weken te vroeg. De reden is te zot voor woorden. Véél te plichtsbewust dat mannetje van mij! Maar de tijd dat hij weg was heeft hij toch veel moois gezien. En de Mont Ventoux beklommen! Hij is er nog niet goed van 🙂

Uiteraard ben ik blij met de letter T, maar ik had hem meer tijd gegund natuurlijk.

Verjaardag: de tachtigste van mijn schoonmoeder. Die werd niet in mijn huis gevierd zoals twee jaar geleden voor mijn schoonvader. Logisch, ik was zelfs niet uitgenodigd (de dochters wel). Vieren was ook niet echt het woord. Schoonma is zodanig zwak dat ze niet meer op haar benen kan staan (zware slikproblemen, eet waarschijnlijk amper). Incontinent is ze ook, maar dat wordt door de schoonpa vakkundig opgelost door haar twee onderbroekjes boven elkaar aan te trekken. Mensonterende toestanden daar. Hun dochter maakt zich kwaad genoeg, maar de oudjes weten het allemaal véél beter. En nu hebben alle genodigden dat allemaal met eigen ogen kunnen aanschouwen. Ik weet waarover ze gaan babbelen in ’t dorp de komende weken!

Warm water: dat wordt hier tegenwoordig met elektriciteit gemaakt (overproductie zonnepanelen opgebruiken) De al wat bejaard wordende stookolieketel kan op die manier in de zomer volledig afgezet worden.

X-aantal zaken vermijden in het huishouden: daar zou ik pas een award voor verdienen. M.a.w. de ramen zijn weer al maanden niet meer schoongemaakt.

YOLO: nog meer mijn motto na het afscheid van gisteren. Het kan zomaar eens gedaan zijn.

Zorgen: om de schoonmoeder, ondanks alles wat ik met haar heb meegemaakt. Mensen zijn geen beesten die in hun vuil moeten vergaan.

Meer ABC?

HIER en HIER en HIER en HIER.

Mensen zonder economische waarde

Vandaag was de begrafenis van Tante Loffie. Heel traditioneel met een dienst in de kerk. Hoewel ik helemaal geen pilaarbijter ben (al school het vandaag niet veel, want ik plakte zowat tegen ene in de kerk) en al lang niet meer kerkelijk en gelovig ben, kreeg de pastoor me toch mee in zijn preek.

Uiteraard doet die man vaak diensten voor mensen die gezorgd hebben in het leven (voor hun kinderen, ouders,…) maar deze dienst was dus voor een persoon die heel haar leven verzorgd is geweest, logisch ze was een kind in een volwassen lichaam.

Hij legde dan ook de nadruk over het belang van mensen die zorgen voor anderen. Dat God kinderen op de wereld bracht die zorg nodig hadden om mensen zorgend te maken vond ik net een brug te ver. Die God zit daar voor weinig tussen denk ik (maar wie dat wil geloven mag dat wel van mij)

Hij noemde tante ook een ‘mens zonder economische waarde’, helemaal waar, ze bracht immers niets op. Integendeel zelfs, ze kostte enkel maar. Dat is als je enkel geld als waardevol ziet natuurlijk.

Een maatschappij die enkel denkt aan economische waarde is een koude maatschappij. Je mag nog extra bijbetalen voor de gasrekening, zeker weten dat je hart daar niet warmer van wordt!

Het besluit van één van mijn nonkels (voogd van tante Loffie) op het kerkhof was in mijn ogen het juiste. Ze heeft een zorgeloos leven gehad en is rustig uitgedoofd.

Voor al diegenen die er ooit waren voor haar zal dat wel het enige zijn dat telt.

fullsizeoutput_2574

Ik doe even van ‘Moeders koekjestrommel’  met dit inkijkje in het grote gezin: Moeder, vader en 12 van hun 13 kinderen (allemaal op 17 jaar tijd ‘gekocht’ – tweelingbroertje van mijn vader stierf tijdens de babytijd) Tante Loffie (links zittend), haar zus boven haar, mijn grootouders, mijn vader in het midden en de broer helemaal rechts zijn er al niet meer. De overblijvers zijn tussen de 69 en 86 jaar oud.