De Warmste Week

Toen ik vandaag in de keuken aan het middageten bezig was ging plots de bel. Naar de voordeur lopend onderdrukte ik een zucht, want ik zag al wie daar was. Eén van de patiënten die ik deze week nog naar de kliniek had gebracht.

Meestal doe ik mijn vrijwilligerswerk graag, mensen delen mijn auto, ik bied ze een dienst aan. Wat ik echt niet graag heb is dat ze aan mijn deur staan. De lijn tussen werk en privé vind ik belangrijk.

Maar kijk, aan sommigen krijg ik het telefoonnummer van de distpatch niet verkocht, zo ook aan de man voor de deur.

Ik moet maandag nogal strikt gezegd hebben dat hij zijn afspraken best wat eerder aanvraagt (hij stond hier zondag aan de deur om maandag vervoer te hebben), zodanig dat hij blijkbaar vond dat een excuus gepast was.

Bracht hij me toch wel een pak pannenkoeken zeker, vers van bij de bakker, met zo’n groot hart dat ik even mijn privacy-principes vergat.

pannenkoeken

Ze hebben gesmaakt ook maar niettemin hoera voor diegenen die gewoon ziekenvervoer aanvragen volgens het boekje.

 

21 reacties

  1. Wat lief… Ik begrijp je, maar ik begrijp hem ook… Ochere da manneken. Het is allemaal dankbaarheid. Je moet het maar zo zien. Ik bewonder het mooie werk dat je doet. Ik zou daar geen goeie voor zijn. Teveel compassie met oude en zieke mensen.

  2. Vervelend en ik begrijp het (ben het wat gewoon toen B nog hier in het dorp werkte, mensen vinden dat normaal dat ze dingen komen vragen bij je thuis).
    Maar wel een lief gebaar ook! Mooi!

Reacties zijn gesloten.