Het leven is een apenkot

Kreeg ik me toch een klotejobke toebedeeld vanmorgen bij het patiëntenvervoer.

Jobomschrijving : Rachelleke (fictieve naam – een vrouwke die ik ken) vanaf 10u gaan afhalen in kliniek X, en haar daarna naar ons plaatselijk RVT brengen.  Simpele taak op papier, ware het niet dat Rachelleke denkt dat ze naar (haar eigen) huis mag.

Ik had nog gevraagd op de verpleegpost of ze wist waar ze naar toe moest, en daar vertelden ze dat alles haar was uitgelegd.  Na elvendertig zakken met gerief die ik meekreeg (veel familie was er duidelijk niet geweest om de was mee te nemen tijdens haar verblijf) en Rachelleke in de wagen geholpen te hebben (slecht ter been), konden we onze tocht aanvatten.

We waren de straat van de kliniek nog niet uit toen ze in paniek schoot om het feit dat ze haar huissleutel niet bij zich had.  Ik haar dan maar voorzichtig gezegd dat ze niet naar huis ging, maar naar het rusthuis.

Wel, mijn Cliotje is al niet groot, maar toen was hij al helemaal te klein !

“wabliefteroe, dat ze mij in ’t rusthuis goan steekne, en dat allemoale achter mijne rugge geregeld, moar da goat gjeen woar zijn !”

“Es da mijnen dank voer zjoeveelle gedoan ten voer mijn zeuns ?”

Er kwam nog veel meer uit het vrouwke en op die manier leek de rit van 10km wel eeuwig te duren.  Want wat zeg je op zoiets ? Woorden als dat ze daar goed gesoigneerd gaat worden, en al eens een babbelke kan doen met andere mensen, zijn op zo een moment praatjes voor de vaak.

Ik heb haar letterlijk met zachte dwang aan mijn arm moeten binnenleiden in het gevang (haar woorden).  De grote welkomsboodschap op de deur van haar nieuwe thuis charmeerde haar allerminst.

Ik mag hopen dat de hoofdverpleger die bij haar op de kamer kwam zitten, daar toch nog even is gebleven zodat ze wat kon kalmeren.

Ze had nog de alertheid om me te bedanken voor het vervoer, maar zei er direct achter “‘k goan ier blèten tegen dak doodga”

Tegen dat mijn tijd is gekomen om in zoiets te belanden (dus als ik mezelf niet meer kan behelpen en het niet meer veilig is om thuis te zijn), hoop ik dat mijn dochters me graag genoeg zien om me zelf daar naartoe te brengen !

d’ouw pekes zitten in ’t apenkot …

Advertenties

16 comments

    • Aan de ene kant moet ik er ook mee lachen, maar anderzijds vind ik het ook een beschrijving van zoveel gemiste kansen …

  1. Daarom ben ik zo blij dat mijn moeder in haar huis kon blijven bijna tot op het einde (enkele dagen in het ziekenhuis). En dat ik geen kinderen heb die me ‘vergeten’ …

  2. Ik heb nu geen goede band met mijn moeder, maar die taak ga ik toch echt wel op mij nemen, haar in huis nemen zie ik wel niet zitten, heb 10 jaar voor mijn grootmoeder gezorgd,…..dat is genoeg voor mijn plaatske in de hemel 🙂

  3. Ik heb ooit in Humo het uitgebreide artikel ‘Oud vuil’ gelezen en was daar danig van ondersteboven. De toestand in diverse Vlaamse rusthuizen werd er aan de kaak gesteld.
    Rachelleke, arme duts, ik wens je veel sterkte en je zonen wens ik eeuwige jeuk en veel te korte armpjes.

    @ Eilish
    Je beroep is op zo’n momenten weinig benijdenswaardig, me dunkt.

    • Er zijn inderdaad van die momenten dat ik er even niet graag bij ben, maar dan spuw ik hier eens mijn gal en dan kan ik er weer tegen !

  4. Ik ken de achtergrond niet, maar ik hoop inderdaad dat die zonen een héél goede reden hebben om dit niet zelf te doen. Als het puur uit gemakzucht is, vind ik dit wel héél erg. Arme jij! Je opzadelen met zo’n taak. We regelen ook ritten voor de MMC, maar zulke situaties zouden we dat nooit (onvoorbereid) overlaten aan een vrijwilliger, maar desnoods zelf meegaan.

  5. Jammer dat het voor zo’n vrouwke zo moet gaan. Je moeder breng je nu toch wel zelf naar het RVT als ze zo in een auto kan hupsen… Soms is er idd weinig respect voor de ouden van dagen…

  6. Het is schrijnend dat kinderen hun ouders op zo’n manier behandelen. Trouwens, zo’n rit naar een rusthuis had door de kinderen gedaan moeten worden.

Reacties zijn gesloten.